Paul Keres 2 vs UVS 3-7; Aanvulling + Analyse

Intussen zijn we al ruim een week verder. Getuige de titel van deel 1 (PK 2 vs UVS: 3-7, Chaos en Malaise – red.) was ik niet het zonnetje in huis bij het schrijven destijds. Tot mijn chagrijn zitten we alweer met een gemankeerde competitie en competitiestand. Intussen is duidelijk geworden dat de volgende wedstrijd van 18 december is verplaatst naar mei. Hoe het zich verder zal gaan ontwikkelen is voor eenieder afwachten in deze onzekere tijden.

Daarbij zinden een paar zaken mij niet.
Ten eerste het invallersbeleid. Was het nou echt nodig een van onze beste spelers te claimen terwijl het duidelijk was dat de tegenstander van het eerste zoveel zwakker was? Over de gang van zaken en het gesteggel is meer te zeggen, lees: schrijven. Maar ik houd mijn kruit liever nog droog. Ik hoop intussen op beterschap.
Vervolgens kan ik meevoelen met verslaggever De Breuk die last moment als het verslag af is met daarin vele verwijzingen naar de partijen in zijn verslag Voorschoten 1 ook kanonnenvoer voor PK1 te horen krijgt dat de partijen verder niet aan de openbaarheid mogen worden prijsgegeven. Natuurlijk was hij er voetstoots van uitgegaan dat het wel mocht. Maar na eerst de partijen live uitgezonden te hebben moesten de partijen weer offline want de “geheime wapens” mochten niet zichtbaar worden. De keutels werden weer ingetrokken. Maar dit kan ik mooier verwoorden:
Een dramatisch beeld. Het vlaggeschip, ons baken, met zijn tien kanonniers aan boord dooft het heklicht en verdwijnt uit het zicht van de rest van de vloot.
Ik denk hier het mijne van. Ik heb een vlammend betoog in de pen waarin ik zal beargumenteren dat publicatie van de partijen wenselijk is. Mijn pen zal ik dopen in venijn. Ik geef alvast een schot voor de boeg: ik zal niemand minder dan oud-wereldkampioen Botwinnik aanhalen! Maar ik hoop en verwacht ook dat de volgende keer de partijen gewoon online zullen blijven staan, en dan hoef ik er ook mooi geen woorden meer aan vuil te maken.

Ik stel vast dat één en ander nou niet bepaald getuigt van een topsportklimaat. Nu ja, we zijn wel amateurs natuurlijk, maar wat beter laveren en scherper aan de wind zeilen verdient aanbeveling. Ik zie volop ruimte om de onderlinge afstemming te verbeteren.
Ten positieve is het goed tot slot te benoemen dat uiteindelijk eenieder het beste voor de club wil. Ik neem niemand persoonlijk dan ook iets kwalijk.

Nu over naar de wedstrijd van toen. Ik ga het niet spannender maken dan het was. Halverwege de middag tekende een kansloze nederlaag zich reeds af. Ik ga maar gewoon de borden af van hoog naar laag.

Onze kopman aan bord één had een zware middag, Big John schrijft erover: “Met afstand mijn slechtste partij in maanden. En tegelijk speelde mijn tegenstander heel goed. Dus een terechte nederlaag.”

Aan bord twee vinden we Jan Jaap. Hij speelde met wit tegen “Het Nijlpaard”. De pionnen en stukken daarachter moeten de tanden in de bek verbeelden. Mag je een nijlpaard in de bek kijken? Ik heb het gewoon gedaan. Dan valt ons op dat er bij dit beest die middag flinke gaten zitten tussen de tanden, lees: zwakke velden. En uiteindelijk wist Jan Jaap te profiteren. Wat een bikkel trouwens die J3. Sporting his pride, de PK2-polo, met slechts een hemd eronder, terwijl gedurende de middag de binnentemperatuur de buitentemperatuur steeds verder begon te benaderen. De ramen moesten open ten bate van de luchtcirculatie, vandaar.

Aan drie dan vind ik mijn eigen persoon terug. Begon ik nog zo leuk tegen een GM in de eerste ronde, intussen loop ik al drie keer tegen een 2000-speler of daaromtrent aan. Gezeten aan bord twee of drie. Ze moeten mij wel hebben met hun tactische opstellingen. Ik krijg het gevoel dat ik in de derde klasse speel. Mijn tegenstander weerde zich overigens kranig. Ik kwam met voordeel uit de opening en vergrootte dat maar toen kwam de klad erin. In twee fragmenten licht ik dat toe. Waarbij ik een zwakke fase mijnerzijds met de mantel der liefde bedek opdat deze in vergetelheid rake.

Aan vier Gerben. Gezeten aan mijn rechterzijde deed ik af en toe een indruk op. De laatste was een verloren eindspel waarin een toren het niet kon bolwerken tegen twee lichte stukken.

Tom aan vijf speelde een goede partij maar blunderde. Quelle horreur!

Bord zes: invaller Simon. Zie de analyse in de viewer.

Bord zeven: Invaller Mark Uildriks. Van zijn partij taal noch teken. Hij verloor snel.

Bord acht: Onze Mark. Zie de analyse in de viewer.

Bord negen: Wim, remise.

Bord tien tenslotte: invaller Anton. Hij was al snel met stille trom vertrokken met een nul op zak.

Ik heb het moeten doen met wat ik binnenkreeg aan partijen en comentaar. Zie de viewer voor de partijanalyses waarin ik ook het woordelijke commentaar van de speler heb vervat, voor de eerste zet. De verdere analyse is geheel van mijn hand.
Ik verwijs graag door naar het onderhoudende verslag van onze tegenstander waar informatie over de “ontbrekende puzzelstukjes“ te vinden is.

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.