Goed voorbereid PK2 wint overtuigend van BSG

door Tom de Jong

Meteen na de vorige wedstrijd kwamen de app-jes al binnen. Een verslag van het BSG snelschaaktoernooi, eerdere partijen van tegenstanders, namen op Lichess, mogelijke openingen die op het bord zouden komen en hoe je die wel of niet moest spelen. Leuk om op zo’n manier naar een wedstrijd toe te leven en voor mij ook nieuw.

Bord 3 was het eerst klaar. In een weinig gebruikelijke en scherpe opening kreeg ratingtopper Ton van der Heijden met wit geen enkel voordeel tegen Jan Jaap. Ook daarna gaf Jan Jaap geen krimp. Een heel nuttige remise. Aan het tweede bord speelde Dirk tegen Coen van der Heijden. Het zag er eventjes link uit voor wit. Maar toen van der Heijden eens kans miste om de dames te ruilen, was het snel gedaan en werd zijn koning mat gezet.

Gerben maakte met zwart in 24 zetten gehakt van de slappe openingsopzet van zijn tegenstander.

Bij een rondje langs de borden zag het er al snel zonnig uit voor ons. Alleen Raymond die met zwart spelend op bord 1 Henk van der Poel moest afstoppen was in de problemen. Hij maakte het nog heel moeilijk voor zijn tegenstander maar zonder succes. Marijn kwam niet best uit de opening. Ik keek even op het moment dat zijn tegenstander 25. Pd5 speelde. Dat wilde zeggen, hij pakte het paard beet, zette het op d5 en daarna leek het alsof zijn hand met superlijm aan dat paard vast zat. Er was een probleem, zwart kon twee keer op d5 slaan. Er ging een minuut voorbij tot het moment dat hij het paard met een vloeiende beweging van d5 naar f5 schoof. Daarna ging de partij alle kanten op en remise was een eerlijke uitslag.

John kreeg met zwart zijn favoriete variant van de Caro-Kann op het bord: 1.e4, c6 2. d4, d5 3. Pc3, de4: 4. Pe4, Pf6 5. Pf6:+, ef6:. Niemand schijnt te weten hoe deze variant heet. Klassieke CK en open CK is de benaming in recente boeken, maar dat is heel verwarrend want vroeger was de 4…Lf5 variant klassiek. Er is een filmpje op Youtube van iets meer dan 3 minuten waarin Vidit briljant uitlegt wat de ideeën voor zwart zijn. Wat mij betreft speelde John dus de Vidit-variant. Of de Tartakower-variant want die grootmeester heeft het vanaf 1911 regelmatig gespeeld. De oude meesters speelden vroeger 6.Pf3 en dit is ook waar Jesper de Groote voor koos. Tegenwoordig geldt dit als ongevaarlijk. John deed gezonde zetten en kon al vanaf zet 14 voor een knock-out gaan. De witspeler kwam met een blauw oog, remise, weg.

3,5-2,5 voor ons en alle resterende partijen stonden goed. Om de zege veilig te stellen maakte Bert remise in een heel ingewikkelde stelling tegen Rein Brouwer. Een verstandige beslissing na zo’n vijf uur spelen. Achteraf bleek dat hij, door de zetten om te wisselen, had kunnen winnen.

Wim stond een pion voor in een ongelijke-lopereindspel en leek op koers naar winst. Dat zat er ook in maar uiteindelijk werd het remise. Zelf zat ik in een variant van de Italiaanse opening waarmee Wesley So met wit een uitstekende score heeft opgebouwd. Ewout de Groote moest improviseren en had daardoor van het begin af aan de wind tegen. Na onnauwkeurigheden van wit had hij nog wat kansjes om de balans te herstellen maar nadat hij die miste kwam hij in een minder eindspel met paard en pion tegen toren terecht. Dat was best ingewikkeld maar uiteindelijk domineerde de witte toren het paard volledig. De wedstrijd was gewonnen!

Met wat positioneel duw en trekwerk scoorde Mark Smits het laatste punt.

De score kwam daarmee op 6,5-3,5 en die had ook hoger kunnen uitvallen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.