PK4 kan zegereeks niet voortzetten: Utrecht 4 – Paul Keres 4

Het sterrenteam Paul Keres 4 is helaas in de derby tegen Utrecht 4 niet verder gekomen dan een puntendeling. Die was voor Utrecht geflatteerd, want het zat ons niet mee. Toegegeven moet wel worden, dat de Utrechters als tijgers achter het bord zaten. Hieronder, in bordvolgorde, de prestaties.

1. Klaas Veldhuijsen hield remise tegen achterneef Arend van Oosten. Objectief gezien had er misschien meer ingezeten, maar gezien het ratingverschil deed onze kopman zijn rol eer aan.

2. Kees Vreeken had een ongelukkige partij. In zijn lijfopening, de versnelde Draak, kreeg hij al snel een superieure stelling. Helaas besloot Kees naar een pionneneindspel af te wikkelen waarin alles van één kritieke beslissing afhing:

Zwart staat hier voor een cruciale tweesprong. 37…Ke6! wint. Er volgt dan een pionnenwedloop van allebei in 9 zetten (want 37.Kc3 Ke5 38.Kd3 Kf4 39.Kd4 f6  40.Kd5 g5), waarbij zwart begint. Als hij na slaan op e4 resp. a4 vervolgens eerst 40…e7-e5! speelt, wint hij. Op 41. Kb3 volgt dan Kd3 en op 41. Kb5 komt Kd4. In beide gevallen valt de witte dame na promotie. Na 40… Kd3 of …Kd4 zou het dame-eindspel remise zijn.

Het gespeelde 37…Kc6? verloor echter… Wit heeft na g5 tempi om a4 te confisqueren.  

        

3. Ernst van der Vecht. De regel dat vader worden 200 Elo-punten kost, wordt schitterend gelogenstraft door Ernst, die zowel intern als extern huishoudt. Tegen Evert de Graaf speelde hij de Tal-variant tegen de Caro-Kann (7. P1e2!) en sloeg hier toe:


Zwart heeft het inferieure 21…e5? gespeeld. Ernst profiteert met 22.Le4 De6 23.d5 De7 24.d6 De6 25 Lxc6, en staat het voordeel niet meer af.

        

4. Jaap van Oosten. Need I say more? Ik win, natuurlijk.

        

5. Erik Verlinde. Achter een ogenschijnlijk beminnelijk uiterlijk verbergt zich de "mad professor" die als een Hannibal Lecter zijn tegenstanders verorbert. Goed, er mag wel eens iets niet kloppen, maar hij wint!

          

6. Mitchel Wallace, onze eigen kleine Spoetnik. Helaas verloor hij op knullige wijze een stuk tegen Stefan Vosshard. Dat zal beter moeten, in het vervolg.

       

7. Conrad Kiers kreeg met Wit de Wolga van Maarten van Veen te bestrijden. Ik heb de Wolga altijd beschouwd als het achterlijke broertje van de Benoni, en er ook tegen gewonnen van Fide-meester, belastingconsulent en kindervriend Daan Smit. Jammer genoeg verspeelde Conrad al het natuurlijke voordeel dat Wit in die opening heeft. Met de remise mocht hij eigenlijk blij zijn.

 

8. Jan Wiggerman speelde, net als Kees, een ongelukkige partij. Hij staat nog op 0 punten, maar de vorm is OK: immers intern slaat hij diverse capabele spelers van het bord. Ook Jan speelt de Draak, en in een wisselvallig treffen met Utrecht-schone Gillian Visschedijk werd ook een pionneneindspel bereikt, waarbij de volgende comedy of errors vermelding verdient:


Gillian speelt hier 37.g4?? waarop Jan meteen had kunnen winnen met  37…g5!! Ach, ach en wee hij speelt 37…f6?? en verliest. Een jammerlijk einde van een verder interessante en goede partij van Jan.

 Utrecht 4 1869      Paul Keres 4 1911 4-4
 Arend van Oosten 2177      Klaas Veldhuijsen 1913 ½-½
 Maarten Remkes 1802      Kees Vreeken 1945 1-0
 Evert de Graaf 1934      Ernst van der Vecht 1934 0-1
 Marc Speijers 1834      Jaap van Oosten 1923 0-1
 Johan Voskuil 1740      Erik Verlinde 1906 0-1
 Stefan Vosshard 1872      Mitchel Wallace 1917 1-0
 Maarten van Veen 1793      Conrad Kiers  1855 ½-½
 Gillian Visschedijk 1800      Jan Wiggerman 1893 1-0